Het doel
Het Nederlands Scheepvaartmuseum heeft een onderzoeksstrategie omdat het zijn reputatie wil vergroten als betrouwbaar en integer kennisinstituut dat een hoge kwaliteit publieksprogramma's en services levert. Een ander doel van de
onderzoeksstrategie is de reputatie van het museum bij het Ministerie van OCW, sponsors en fondsen. Ook wil het zijn collectie meer promoten voor onderzoek door wetenschappers van buiten het museum en hierbij koppelingen met andere collecties in binnen-
en buitenland stimuleren.
Het ontbreken van een strategie voor academisch onderzoek zal leiden tot een bedrijfscultuur die zich kenmerkt door een weinig kritische houding ten aanzien van het eigen product en de eigen attitude naar buiten. Op termijn leidt oppervlakkigheid, achterhaalde kennis of kennisgebrek tot een matige kwaliteit van de museale presentaties en programma's. Verder bestaat het risico van hobbyisme bij onderzoek en collectievorming en loert het gevaar om de hoek te blijven steken in objectgerichte ‘petites histoires'. Het onbenut laten van de collectie door gebrek aan vernieuwend onderzoek van buiten zou een gemiste kans betekenen. Het moge duidelijk zijn dat het achterwege laten van onderzoek in en door het museum uiteindelijk tot reputatieschade bij financiers en andere stake holders kan leiden.
Context
Het museum opent in 2011 in ‘s Lands Zeemagazijn een nieuwe bibliotheek waarin de faciliteiten voor bezoekers beter zijn en waar het raadplegen van boeken, gedrukte documenten en manuscripten toegankelijker wordt. In samenhang met de voortgaande digitalisering van de eigen collecties, de website http://www.maritiemdigitaal.nl/ en het aanbieden van bestandscatalogi en onderzoeksgidsen op de website zullen de collecties steeds beter ontsloten worden voor onderzoekers van buiten.
Het museum heeft een hoofdconservator wetenschapsprogramma's die via concrete samenwerkingsprojecten zoveel mogelijk externe onderzoekers naar de collecties brengt.
Het museum verricht ook zelf wetenschappelijk onderzoek met als prioriteit de eigen museale doelstellingen: presentatie, publieksprogramma's, behoud en onderzoek van en naar de museumcollecties. Het museum onderscheidt zich van een universitair instituut omdat het gedreven is de collecties zo boeiend mogelijk naar het publiek te brengen en hierbij alle kansen wil benutten.
Dat betekent overigens niet dat de staf van conservatoren zich uitsluitend richt op objectgerichte ‘petites histoires' of onderzoek voor presentaties voor een breed publiek. Meer dan voorheen zal de staf via meerjarige programma's uitgaan van vraaggestuurde thema's. Niet alleen omdat het museum zo een veel duidelijker onderzoeksprofiel verwerft, maar ook omdat deze aanpak leidt tot betere resultaten met diepere inzichten. Waar nodig zoekt het museum samenwerking met andere musea met gerelateerde collecties en universiteiten.
Vanuit de doorlopende publiekstaken van het museum dient de wetenschappelijke staf naast zijn specialismen te allen tijde een zeer brede - en op veel onderdelen diepgaande - kennis te hebben van de Nederlandse maritieme geschiedenis. Ook in de internationale context.
Maximale uitstraling van het museum als gezaghebbend kennisinstituut kan worden bereikt door het combineren van de resultaten van wetenschappelijk onderzoek met museale presentaties en programma's, publicaties, lezingen, symposia en andere evenementen.
Tot slot: een weloverwogen onderzoeksstrategie zal zeker ook bijdragen aan een kritische houding in de hele museumorganisatie ten opzichte van het eigen product en de eigen attitude. Het is daarom belangrijk dat iedere medewerker weet dat het museum hecht aan kwalitatief goed onderzoek.
Het museum wil zich concentreren op een aantal hieronder te noemen meerjarige onderzoeksthema's omdat: